De boerderij heeft tot doel ‘meer dan biologisch’ te zijn. De term biologisch heeft betrekking op de landbouwmethode, oftewel de manier waarop ons voedsel tot stand gekomen is. Dit bepalen we zelf binnen de coöperatie en is daarom onderdeel van onze zoektocht naar de ‘meest duurzame vorm van landbouw’. We noemen het zelf ook wel natuurinclusieve landbouw.
Denk hierbij aan ambitieuze ideeën om ‘input nul’ te gebruiken bij processen, en zelf dus grondstoffen en nutriënten te accumuleren op de boerderij, zoals de grondstoffen voor veevoer. Die kunnen hier weer worden ingezet. Dat geldt ook voor reststromen in de productie. Zo krijg je sluitende kringlopen.
We zoeken naar de draagkracht van de bodem voor voedselproductie, uitgaande van een gezonde bodem in een gezond landschap met biodiversiteit en deze gesloten kringlopen. De eisen die wij aan onze producten en ons productieproces stellen zijn op sommige punten eigenlijk nog veel strenger dan biologisch.
In Nederland mag je een product biologisch noemen als het productieproces gecertificeerd is. Wij zoeken steeds naar de natuurvriendelijkste methodes, en streven ernaar om helemaal geen chemische bestrijdingsmiddelen en geen kunstmest te gebruiken. Mocht dat wel nodig zijn, dan kijken we naar natuurlijke middelen om een plaag van bijvoorbeeld invasieve, exotische plaagdieren te bestrijden.
We gebruiken helemaal geen kunstmest, waardoor planten wat trager groeien. Daardoor zitten er meer voedingsstoffen in – kleine nutriënten of sporen krijgen de tijd om ‘in de plant te trekken’, zonder dat die snel wordt ‘vetgemest’ met snelle stikstofvoeding. Zo krijg je planten van dezelfde grootte, maar veel voedzamer!
Omdat we alleen voor onszelf produceren, blijft er geen geld in de tussenhandel zitten. Daardoor hoeven we niet zo intensief te telen en kunnen we een deel van onze boerderij inzetten om het planten- en dierenleven in het gebied te verbeteren.